Weten – Een Dooddromers Roman – Deel 1 (Aflevering 5)

Weten is deel 1 van de (nog niet verschenen) serie over Dooddromers en Aardse Engelen en hun lot als pionnen in de strijd tussen goed en kwaad. Het speelt zich af in hedendaags Nederland. 
Hoofdthema: Staat het lot/jouw lot vast of kan je zelf je eigen lot kiezen?

Heb je een aflevering gemist?
Klik hier voor aflevering 1.
Klik hier voor aflevering 2.
Klik hier voor aflevering 3.
Klik hier voor aflevering 4.


24 december
Mijn vader heeft bergen moeten verzetten, maar het is hem gelukt mij een vrijbrief te geven voor kerstavond. Julia en ik zijn in het kleine eenkamerappartement dat ze huurt op de Langestraat. De kamer heeft nog een oude gaskachel en ramen met enkelglas. We zitten samen onder een deken op de grond naast de kachel, met onze ruggen tegen de bank. Op televisie is een slechte kerstfilm waar we beiden niet naar kijken. Zij ligt op mijn schouder en ik speel met haar hand.
‘Welke oplossingen heb je bedacht?’ vraagt ze zachtjes.
‘Geen goede,’ zeg ik.
‘Welke,’ dringt ze aan.
‘Ze hebben allemaal te maken met vluchten en jou verlaten, dus die zijn niet goed.’
‘Misschien wel.’
‘Nee, Julia. Ik ga je niet alleen laten met De Boze.’
‘En denk jij maar niet dat ik jou laat sterven,’ zegt ze boos.
Ik zoen haar kruin, voorhoofd, wang en lippen.
‘Ik hou van je,’ zegt ze, haar tranen onderdrukkend.
‘Ik hou ook van jou.’
We zoenen elkaar intens en teder. We hebben allebei vochtige ogen.
‘We moeten elkaar laten gaan,’ zegt ze weer.
‘Dat wil ik niet.’
‘Ik ook niet, maar het moet. Gosse heeft me verteld over de Dooddromers en de keuze die jouw familietak heeft gemaakt. Het is zo dapper om tegen het Kwaad in te gaan. Onze relatie is een te grote verleiding. We maken het te makkelijk voor de Boze. Jij moet leven en dat kan alleen als wij elkaar niet meer zien. Je hebt me al zoveel meer gegeven dan ik ooit had kunnen dromen. Wie weet, als dit alles voorbij is en ik mijn taak heb vervuld. Wie weet kunnen we elkaar dan weer tegenkomen.’
Julia’s verhaal klink verstandig, maar mijn gevoel gaat er tegenin. Hoe kan iets wat zo goed voelt, zo slecht voor me zijn? Hoe kan ik zo egoïstisch zijn en voor mezelf kiezen? Als ik nu voor haar kies, dan weet ik zeker dat ik doodga. Als ik nu voor mezelf kies, blijf ik leven, maar wat gebeurt er dan met Julia? Welke beproeving gaat zij krijgen? Krijgt zij sowieso een beproeving, met of zonder mijn aankomende dood?
‘Julia,’ zeg ik zachtjes, ‘deze last moet je niet alleen dragen, laat mij je helpen.’
‘Snap je het dan niet, deze last moet ik wel alleen dragen, zo hoort het. Ik wil jouw hulp niet.’
We spreken het niet uit, maar weten allebei dat dit onze laatste avond samen is. We kijken elkaar aan en zoenen in stilte. Met bevende handen ontknoopt Julia mijn blouse en ik rits haar jurkje open. Julia verbreekt onze connectie en staat op. Haar jurkje valt om haar enkels. Ze stapt eruit en schopt het jurkje speels in mijn richting. Ze loopt naar het bed en kruipt naakt onder de dekens. Terwijl ik naar haar toe loop, trek ik mijn kleding uit en kruip naast haar. We nemen op de meest intieme manier afscheid van elkaar. Na afloop vallen we huilend in elkaars armen in slaap.

Een oude man, die wat weg heeft van mij, is aan het hardlopen op het fietspad tussen Alkmaar en Bergen. Hij grijpt naar zijn borst en blijft hijgend staan. Een minuut later valt hij neer en staat niet meer op. Omstanders snellen naar hem toe.

Julia rent in paniek tussen de bomen van een natuurgebied door. Het is ijzig koud en het begint te sneeuwen. Ze zoekt een grote sterke boom, trekt haar schoenen uit en gaat tegen de boom aan staan. Zonder dat ik het precies hoor, zie ik haar in de lucht schreeuwen om bescherming. De Boze staat, in vaste vorm, voor haar. Hij lacht triomfantelijk. Met een eng gemak beweegt hij zijn armen en vingers. Met iedere beweging is het alsof Julia geslagen en gestoken wordt. Bloedrode striemen verschijnen op haar gezicht en voeten. Ze gilt het uit van de pijn, terwijl ze ondertussen om bescherming vraagt van de natuur. Gosse komt eraan, maar wordt tegengehouden door zwarte schaduwen van het Kwaad. Er verschijnen een aantal witte schaduwen, maar het zijn er te weinig. De bevroren aarde houdt de meeste bescherming tegen. Julia’s broek en jas vertonen scheuren, bij iedere polsbeweging van de Boze. Al snel kleurt de stof donker van het bloed. Julia verliest haar kracht en laat de boom los. Ze zakt in elkaar. De Boze knijpt langzaam zijn rechterhand samen en beweegt zijn arm omhoog. Julia grijpt naar haar nek en begint te zweven. Gosse vecht in blinde paniek, hij lijkt te winnen, maar wordt dan door de schaduwen aan de grond genageld. Heel langzaam zuigt de Boze het leven uit Julia. Wanneer hij klaar is, laat hij zijn greep los en Julia’s levenloze lichaam valt op de grond. De Boze en de schaduwen verdwijnen. Gosse ligt jammerend naast het lichaam van zijn engeltje, terwijl de sneeuw voor het eerst deze winter op de bodem blijft liggen.

25 december
Mijn vader en ik doen ons best zo gezellig mogelijk de kerstdagen door te komen. Pascal en mijn moeder hebben niets door. Joris kijkt me soms argwanend aan, maar vraagt eigenlijk niets. Hij heeft alleen opgemerkt dat papa en ik er moe uitzien.
Mijn moeder pakt een zacht vierkant cadeautje van onder de boom en geeft het aan mij. Mijn hart begint sneller te kloppen en mijn keel knijpt samen. Wanneer ik de eerste plakbandjes verwijder zie ik het al. Ik houd een dik groen vest omhoog uit het pakpapier.
‘Mooi he,’ zegt mijn moeder vrolijk, ‘met deze winter leek hij me extra lekker warm.’
Water vult mijn kaken en ik voel het bloed uit mijn hoofd stromen. Met moeite weet ik op tijd de wc te bereiken. Het volledige kerstdiner komt met een rotgang naar buiten. Ik neem niet meer de moeite om terug te gaan naar de woonkamer, maar loop door naar de badkamer om mijn tanden te poetsen en kruip daarna diep onder de dekens. Een paar minuten later hoor ik mijn vader binnenkomen. Hij komt op mijn bed zitten, maar ik geef niet thuis. Hij legt zijn hand op mijn schouder.
‘Mijn dooddroom is veranderd,’ zeg ik.
Mijn vader zegt niets, maar hij verschuift een klein beetje.
‘Ik kan een lang leven hebben en doodgaan aan een hartaanval tijdens het hardlopen.’
‘Maar…,’ zegt mijn vader. Hij weet het vast al, maar hij wil dat ik het zeg.
‘Maar dan sterft Julia in mijn plaatst. Ze sterft een heel pijnlijke dood.’
Mijn vader buigt voorover en geeft me een knuffel door de dekens heen.
‘Ik zal tegen je moeder zeggen dat je je niet lekker voelt en gaat slapen.’


Klik hier om aflevering 6 verder te lezen

© M. MEIJER – SEPTEMBER 2014
NIETS VAN DEZE BLOG MAG, ZONDER TOESTEMMING VAN DE AUTEUR, VERMENIGVULDIGD WORDEN.

2 gedachten over “Weten – Een Dooddromers Roman – Deel 1 (Aflevering 5)

  1. Pingback: Weten – Een Dooddromers Roman – Deel 1 (Aflevering 6) | imagination opens worlds

  2. Pingback: Weten – Een Dooddromers Roman – Deel 1 (aflevering 4) | imagination opens worlds

Reageer hierop met een eigen hersenspinsel

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s